Een grasdak vereist in tegenstelling tot een sedumdak een dikkere substraatlaag. Mimimaal 8 cm bij een plat dak en minimaal 15 cm bij een hellend dak. Het gewicht vereist dus een zwaardere dakconstructie.
Het dakbeschot bestaat uit planken. Daaroverheen ligt een bitumenlaag en een wortelbestendige waterafvoerende noppenfolie. Aan de onderkant van het dak zijn de turfhaken gemonteerd, waaraan de grondkering is bevestigd. Vervolgens is een laag turf opgebracht en het graszaak ingezaaid. Het grasdak vergt vrijwel geen onderhoud en hoeft dus niet gemaaid te worden. De gebruikte grassen zijn sterk en bestand tegen extreme weersomstandigheden, zoals vorst, droogte en flinke hitte.
Bij iedere regenbui zuigt de wortellaag zich vol met vocht en overtollig water wordt afgevoerd. Ook de dikke wortellaag is belangrijk om het gras goed te houden. Deze laag houdt namelijk vocht vast, zodat het gras tijdens droge periodes een buffer heeft. Tegelijk zorgt deze dikke laag voor een uitstekende isolatie.
In de nazomer krijgt het gras een blonde strokleur. Het lijkt of de grassen doodgaan, maar dat is niet het geval. Het gras sterft bovengronds af om in de wortellaag te kunnen overwinteren. Het laagje hooi beschermt ze tegen de winterse kou. Het grasdak houdt zichzelf in stand, want de plek van planten die dood gaan, wordt ingenomen door het zaad van de aanwezige grassen of toevallige aanwaaiende planten. De natuur regelt dus zelf dat het grasdak mooi blijft!